vrijdag 3 maart 2017

2. De diagnose




Mijn verhaal begint bij het moment dat een (neven)werking van medicatie ervoor zorgt dat ik toch kon verwekt en geboren worden. Is het diezelfde medicatie die ervoor zorgt dat mijn levensloop er toch een beetje anders uitziet? Tot op dit moment hebben we daar nog steeds geen antwoord op.
Ik werd alvast geboren op 10 januari 1971 als een gelukkige flinke baby van 4,200kg en 52 cm lang met een lange donkere dos haar en, ondanks dat het niet de bedoeling was dat er nog een nummertje drie in het gezin kwam, was ik toch van harte welkom in de familie.


Wanneer ik tijdens mijn peuterjaren de grond toch wel heel dikwijls van zeer dichtbij mocht zien en drempeltjes en trapjes totaal werden genegeerd, stelde een buurvrouw voor om toch maar eens een  dokter te bezoeken om na te gaan wat het probleem aan mijn beentjes inhield.
Er moest toch iets aan die beentjes zijn dat ervoor zorgde dat ik steeds met bebloede knietjes rond liep. Na een doktersbezoek werd echter alleen maar vastgesteld dat mijn beentjes het prima deden en dat was dat. 





Een tijdje later mocht ik met mijn mama mee op bezoek op haar werk. Haar werkgever, die huisarts was, wees haar op het feit dat ik toch wel heel dicht tegen mijn papier aanzat om te kleuren. Hij stelde voor om dringend een oogarts te contacteren.
Het eerste oogonderzoek wees uit dat ik een heel hoge myopie (= bijziendheid) had, toen -8 (ik was toen 5 jaar oud). Ook het netvlies zou er erg aan toe zijn. De oogarts ging ervan uit dat het zicht in korte tijd zo sterk achteruit zou gaan dat hij het nodig achtte om me, voor het eerste leerjaar, in te schrijven in een blindenschool. Totaal overstuur gingen we naar huis en daar werd al snel beslist om voor een tweede opinie te gaan. Ook daar klonk hetzelfde verdict en werd nog als vermoedelijke oorzaak de mogelijkheid dat mijn moeder toxoplasmose had opgelopen tijdens de zwangerschap aangegeven. Ik kreeg een brilletje met glazen die eerder pasten aan de onderkant van een bokaal dan op mijn kleine neusje en die zodanig getint waren dat niemand nog maar een fractie van de kleur van mijn ogen kon waarnemen. De wereld werd plots van een heel wazige kleurenboel een scherpere sepiavoorstelling.




Gelukkig volhardden mijn ouders in hun zoektocht en gingen voor een derde opinie. Daar kregen ze het voorstel om me harde contactlenzen te laten dragen. Ik was ondertussen 7 jaar oud. Samen met mijn ouders ging ik naar een centrum in Brussel (waar ze trots waren op het feit dat ook Koning Boudewijn daar zijn lenzen had gehaald). Er werd me getoond hoe ik de lenzen moest in- en uitdoen en werd vervolgd door een leuke wandeling van twee uur door Brussel om zo na te gaan of alles vlotjes verliep. Daarna nog wat zelf proberen om die kleine glaasjes in mijn oogjes te friemelen en dat was het dan. Ik kreeg officieel de titel van jongste kind in België dat contactlenzen droeg en zag sinds lange tijd dat er wel degelijk kleuren waren in de wereld en niet alles bruin was.  Ik deed het ook super. Of de kleine glaasjes altijd evengoed werden gereinigd is een andere vraag. Ook het feit dat ik soms ’s morgens nog niet echt wakker was en zo twee lenzen in één oogje stak kwam waarschijnlijk door mijn jonge leeftijd. Maar uiteindelijk had ik slechts één zware oogontsteking en op een paar lensjes die plots verdwenen waren na, liep het op wieltjes. Mijn ogen bleven relatief stabiel (ongeveer een halve dioptrie per jaar extra). Het zware verdict bleef gelukkig uit.



Anekdotes : De verdwenen lenzen (gelukkig hield ik steeds een paar oude lenzen als reserve)
Op vakantie kwam een reisgenoot met zijn hand tegen mijn hoofd en floep mijn lens was weg. Rustig blijven zitten en iedereen met de handen op de grond maar de lens was nergens te bespeuren. Een hele tijd later roept mijn zus plots : “Blijf stilzitten”. Het kleine ding lag te schitteren op de broek van de jongen, probleem opgelost.

Ik mocht de eerste keer op speelpleinwerking en bij het dansen mocht ik met de leider van de groep dansen, zo fier als een gieter. Het fluitje dat rond zijn hals hing vloog de lucht in, recht in mijn oog. Lens weg. Een paar scherven later vonden we ze terug.


Op schoolreis naar Londen was het alweer zover. De begeleidende leerkracht vond het niet de moeite om het kleine ding te gaan zoeken maar dat was buiten één van mijn vriendinnen gerekend. Na een heel pleidooi zat iedereen op Piccadilly Circus op handen en knieën te zoeken, tevergeefs. Maar wat een zalig gevoel had me dat gegeven! Dank je wel, Veerle!

http://www.oogartsen.nl/oogartsen/brilsterkte/bijziendheid_myopie/

Mijn facebookpagina : Hoge Myopie 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Gadget

Deze content is nog niet beschikbaar via een versleutelde verbinding.